Een vrouw die ternauwernood ontkomt aan een verkrachting. Het gebeurt nog geen twee weken geleden in een steegje in de Dordtse binnenstad. Het is een voorbeeld van seksueel geweld waar vrouwen in Dordrecht steeds vaker mee te maken krijgen. Uit cijfers van het CBS bleek eerder al een toename van 15 naar 24 van dit soort incidenten in een jaar tijd. Maar ook andere vormen van straatintimidatie komen veel voor.
“Hey meisje, hey meisje, kom eens hier!”, of “Mooie vrouw, kom bij mij in de auto”. Zomaar een paar willekeurige incidenten die jonge vrouwen op straat meemaken. Vaak blijft het daarbij, maar zulke opmerkingen komen intimiderend over en zorgen voor een gevoel van onveiligheid op straat.
Dat beaamt ook Joke Noordberger van Vrouwen Kunnen Alles. Die organisatie organiseert jaarlijks straatwandelingen langs onveilige plekken in de stad en vraagt aandacht voor het geweld tegen vrouwen tijden Orange the World. “Vroeger floten de bouwvakkers naar je en dat was het dan. Tegenwoordig is het een stuk heftiger”, vertelt ze. “Ik ben heel blij dat de gemeente nu handhavers mag inzetten om daders van straatintimidatie aan te pakken. Blijf gewoon van vrouwen af!”
Toch is het pakken van daders van straatintimidatie niet eenvoudig. Het begint bij het weten waar het veel voorkomt. Een speciale app werd in 2022 voor de gemeente Dordrecht ontwikkeld. Daar zouden slachtoffers incidenten kunnen melden, maar die wordt eind dit jaar al van de hand gedaan. “We kregen echt heel weinig meldingen op de app”, vertelt verantwoordelijk wethouder Marc Merx. “En de meeste meldingen waren anoniem, dus daar konden we niet veel mee.”
'Nauwelijks promotie'
De ontwikkelaar van de Stop Intimidatie-app is teleurgesteld over deze ontwikkeling. Niet alleen omdat de gemeente dan stopt met het betalen van zo’n 18.000 euro per jaar, maar ook omdat er vanuit de gemeente te weinig energie in is gestoken. “Je moet natuurlijk wel bekend maken dat de app er is, en dan niet één keer maar structureel”, zegt Robert van Brakel. Hij is directeur van de C3 Group, het bedrijf dat samen met de gemeente Dordrecht de app bouwde.
Van Brakel heeft sinds de lancering de urgentie bij de gemeente gemist die bij zo’n app hoort. “Waar zijn de terugkerende publiekscampagnes gebleven? Alleen bij de lancering is groot uitgepakt. Dat is zonde, want daardoor is het aantal meldingen behoorlijk tegengevallen. En meldingen die wel kwamen, kregen nauwelijks aandacht. Dan krijgt het publiek ook niet het gevoel dat een melding serieus wordt genomen.” Navraag bij de gemeente leert dat sinds de lancering 46 keer een incident is doorgegeven via de app.
Meerdere gemeenten
“We hebben wel degelijk meerdere keren bekendheid gegeven aan de app”, reageert wethouder Merx. “Dan zag je even een opleving in de meldingen, maar die waren dan meestal anoniem. In de praktijk konden we daar weinig mee.” En Dordrecht is niet de enige gemeente waar de app niet aanslaat. Van de twintig gemeenten, lijkt alleen in Eindhoven het publiek warm te lopen om er incidenten te melden
“Dat komt omdat die gemeente wel snapt hoe het werkt”, vervolgt Van Brakel. “Die zetten groot in op publiekscampagnes, tot aan de bierviltjes in de kroeg aan toe. Dan werkt de app wel. Nu verwachten dat slachtoffers zich melden tussen de scheefliggende stoeptegels op de Fixi-app, daar geloof ik niet in.”
Bekijk ook deze reportage over straaintimidatie op ons YouTube-kanaal.